Autoleaseman

Nieuws

Jun 17, 2020

Chinese elektrisch auto's komen, moet de gevestigde orde zich zorgen maken?

Volgens Jean-Dominique Senard, voorzitter van de raad van bestuur van Renault, staan autofabrikanten aan de vooravond van een ongekende concurrentiestrijd om de aandacht van klanten voor volledig elektrische auto's. Vooral de nieuwe lichting Chinese modellen baart hem zorgen. Zijn die zorgen terecht?

Senard deed zijn uitspraken vorige week in gesprek met Bloomberg. Daarin zei hij dat Renault snel moet handelen om meer en voordeligere elektrische modellen op de markt te brengen, om zo de nieuwe concurrenten het hoofd te bieden.

Renault heeft sinds eind 2012 de volledig elektrische Zoe in het aanbod. Waar de auto destijds nauwelijks concurrentie had, zijn de tegenstrevers van de huidige Zoe niet meer op een hand te tellen.

Ook in andere segmenten groeit het aantal nieuwe modellen nog altijd, mede dankzij nieuwkomers uit China. Het concern SAIC is hier sinds kort actief met de MG ZS EV en in Noorwegen opereert Xpeng Motors met de G3, net als de MG een compacte SUV. Inmiddels hebben ook BYD en Aiways aangekondigd naar dit deel van de wereld toe te komen.

Rekening houden met de Chinese concurrentie
Dat is op zichzelf al best bijzonder, aldus Eric Geers van internationaal pr-bureau GBPRC, dat zich richt op Chinese merken die de oversteek vanuit China willen maken. "Vaak geven merken wel signalen af naar Europa te willen komen, maar worden de stappen uiteindelijk niet genomen. Dit vanwege de complexiteit van de markt, de concurrentie en vanwege de torenhoge kosten die een lancering in meerdere markten met zich meebrengt."

Geers wil niet zover gaan om te stellen dat Europese en andere Aziatische merken zich zorgen moeten maken, maar zegt wel dat de gevestigde orde rekening moet houden met de aanstaande Chinese concurrentie.

"De Chinese overheid zet zwaar in op elektrisch. Doe je daar niet aan mee in China, dan heb je geen bestaansrecht. Zo bouwen de Chinese merken wel heel snel heel veel kennis van elektrische auto's op. Vooral op dat vlak zullen ze van toegevoegde waarde zijn", aldus Geers.

Naar verwachting zullen op de middellange termijn nog eens zes à zeven fabrikanten naar Europa komen, waaronder de start-up Byton en de submerken van Great Wall en BAIC; Wey en Arcfox.


Nieuwkomer Byton zet in op technologie, getuige dit interieur. (Foto: Byton)

'Hard op weg naar leidende positie op kunstmatige intelligentie'
Net als vroeger de Japanse en later ook de Zuid-Koreaanse merken zetten de Chinese fabrikanten in op een goede prijs/kwaliteitsverhouding, oftewel 'veel voor weinig'.

Zo is de MG dankzij extra korting bovenop de overheidssubsidie tijdelijk voor 22.895 euro te krijgen, zonder dat je daarvoor een een kleine, kale of onveilige auto rijdt. "Het verhaal dat ze op kwaliteit en qua veiligheid niet meekunnen, begint langzaamaan achterhaald te worden", benadrukt Geers.

Hij ziet verder dat de Chinezen inzetten op technologie. "Ze zijn hard bezig om een leidende positie in te nemen op gebied van AI (kunstmatige intelligentie, red.) en connectiviteit. Er wordt daar echt gas gegeven en daar gaat de consument in Europa van profiteren."

De Chinese merken op hun beurt kunnen volgens Geers profiteren van het gegeven dat de markt en de consument nu meer open staan voor nieuwe merken en elektrische aandrijving. Hierdoor zullen de Chinese nieuwkomers sneller ingeburgerd raken dan de Japanse en Koreaanse nieuwkomers enkele decennia geleden.


De Aiways U5 komt nog deze zomer op de markt. (Foto: Aiways)

'Niet de schouders ophalen'
Punten van aandacht zijn er wat Geers betreft ook. Doordat het aanschafproces van een nieuwe auto verandert - denk aan Tesla dat zonder importeur en dealers werkt - zullen de Chinese merken niet direct een distributie- en servicekanaal op willen zetten. Hierdoor zul je vermoedelijk naar een universele garage moeten voor onderhoud, wat niet iedereen zal bevallen.

“De kracht van een aantal Chinese merken is te groot om de schouders ervoor op te halen.” Eric Geers, pr-bureau GBPRC

Daarnaast zullen de nieuwe merken het vertrouwen van de consument moeten winnen, aangezien de bekende naam en reputatie ontbreekt. "Dat kost tijd. Op dat vlak heeft de gevestigde orde een grote voorsprong. Eén manier om dat obstakel te omzeilen is het aanbieden van private lease of een andersoortig abonnement. Daarmee beperk je het risico voor de consument, die hoeft immers geen grote bedragen te investeren in een voor hem relatief onbekend merk."

Volgens Senard is het voor de Europese merken zaak mee te ontwikkelen, iets dat Geers onderschrijft. "Wie dat niet doet, is hopeloos verloren. De kracht van een aantal Chinese merken is te groot om de schouders ervoor op te halen."

Bron: nu.nl